Odaklanken nr. 10 11 2026
28 februari tot en met 13 maart 2026
Liefde is niet jaloers
Als je een keer denkt: "Zo'n iPhone of zo'n bos haren zou ik ook wel willen hebben", dan is daar niks mis mee. Maar als je erover gaat fantaseren om iets moois dat je niet kunt krijgen kapot te maken, dan neemt de afgunst gevaarlijke vormen aan. Ze kan ontaarden in grof geweld.
Dat gewelddadige wordt in het volgende verhaaltje onthuld:
Twee buurvrouwen deden niets anders dan elkaar in de gaten houden. Wat had de ander aan? Welke schoenen droeg ze? Waarheen op vakantie? Met welke man ging ze om? Wat de ander had, wilde de een ook. En als ze het niet kon krijgen, probeerde ze het te vernietigen. Hun hele leven werd verziekt.
Op zekere dag stuurde God een engel om hen de les te lezen. De engel sprak tot beide dames: "U mag een wens doen. Maar wat u ook wenst... uw buurvrouw krijgt het ook, maar dan het dubbele!"
Zonder te hoeven nadenken gooide de ene vrouw eruit: "Dan wens ik dat ik aan één oog blind word!"
Het geluk van een ander niet kunnen verdragen, blind zijn voor alle rijkdommen die je omringen, jezelf afgewezen voelen omdat iets je niet ten deel is gevallen... het is een bron van geweld en ongeluk. Het meest ongelukkig is de mens die door jaloezie wordt verteerd.
Al jong hoorden wij voor het slapengaan het verhaal over Sneeuwwitje. De boze stiefmoeder is jaloers op de schoonheid van haar dochter. Ze neemt geen genoegen met een tweede plaats en wil haar dochter om het leven brengen. Maar de dochter vindt een veilig onderkomen bij de dwergen in het woud. De nijdige stiefmoeder wordt lelijk van jaloezie. Haar ogen worden groen. Groen van jaloezie.
Een van de eerste verhalen in de Bijbel gaat over de oudere broer Kaïn, die jaloers is op zijn broer Abel en hem elk succes misgunt. In de Tien Geboden wordt tot twee keer toe gewezen op het gevaar van afgunst. Het geluk van de ander moet je hem gunnen. Wie dat niet doet, die gaat zelf door een hel.
Misschien is een snufje afgunst wel goed voor een mens. De wil om door anderen bewonderd te worden kan sociaal gedrag bevorderen en een zekere ambitie wekken. Kinderen op school proberen elkaars prestaties te overtreffen en spannen zich in. Onze hele welvaartsmaatschappij wordt waarschijnlijk voortgedreven door afgunst. We willen net zo gelukkig zijn als onze buurman.
Maar steeds is er die gevaarlijke grens waar competitie overgaat in geweld, prestaties in doping en concurrentie in elkaar vernietigen. Steeds is er een moment waarop de wil om de ander te overtreffen domineert over de bewondering voor wat hij of zij kan. Steeds komt er een grens in zicht waar de passie om beter te zijn een aanslag op de ander wordt. Het verlangen naar iets dreigt dan een obsessie te worden die ons ongelukkig maakt.
Paulus heeft een prachtig lied op de liefde geschreven (1 Korintiërs 13). Een van de opvallende zinnen daaruit is deze: "De liefde is geduldig en vriendelijk. Ze is niet jaloers!" Nee, de ware liefde is onbaatzuchtig en gunt de ander het beste, zonder afgunst of bezitsdrang.
Met vriendelijke groeten,
Kapelaan van der Wegen